Soekkot

We zitten in de soeka en kijken omhoog door het dak naar de hemel.
Komt er regen, storm, hitte, droogte? Dat is belangrijk om te weten voor een volgende oogst.
We kijken ook naar de hemel, hopend op een jaar in gezondheid en veiligheid.
De soeka is er om ons eraan te herinneren dat de natuur en het leven onvoorspelbaar zijn en wij kwetsbaar.
Maar daarvoor hoeven we niet in de soeka te zitten. De wereld om ons heen is al onveilig genoeg, dat lezen we in de krant en horen we van vrienden en familie in Israël. Voor velen van ons is het persoonlijk ook onveilig, op straat of op de sociale media.
 
Is het nu onveiliger dan toen wij, babyboomers, opgroeiden in de jaren ’50 en ’60? De Koude Oorlog, de Atoombom, waren ook beangstigend.
Maar de natuur was nog gewoon mooi, je kon onbekommerd een bloemetje meenemen, de open haard stoken, autorijden zo hard je wilde zonder gordels, zonder helm op de brommer, met DDT bespoten groente en fruit eten, in het vliegtuig stappen (maar dat toen nog heel bijzonder), alle soorten kleding en spullen kopen, al was er toen ook al veel rotzooi ‘made in China’. Iedereen rookte, at vlees, deed veel suiker in z’n koffie en thee, die door uitgebuite arbeiders was geplukt.
Er was geen ‘asielcrisis’, hoogstens wat ‘rare’ Italianen en later Surinamers en Turken die allemaal crimineel waren.
 
Kortom we leefden in zalige onwetendheid van alles waar we ons nu zorgen om maken.
Ja, de oorlog was toen nog maar kort geleden en dat legde een zware schaduw over het leven van onze ouders en daardoor ook van ons, bewust of onbewust. Maar zij keken vooruit en wilden ons niet belasten met hun sores.
Wij kijken ook vooruit en zijn somber over de toekomst voor onze kinderen en kleinkinderen. Hoe zal dat gaan met het klimaat, de oorlogen overal? De bedreiging van de democratie, het antisemitisme, racisme en antifeminisme hier?
 
Toch zitten we in de soeka, want moeten hoop en vertrouwen houden. ‘Wanhoop nooit’, zei Rabbi Nachman, in een eeuw die ook erg onveilig was.
 
Rabbi Jonathan Sacks z.l. noemde Soekot ‘het Feest van de Onzekerheid’. Dat was de 40-jarige ervaring van de joden in de woestijn en wat wij ervaren als we hier in de kou en de regen in de soeka zitten, zei hij. En Soekot is zman simchateinu, het wonder dat we feest vieren, zelfs in onveiligheid:
 
‘I call Succot ‘The Festival of Insecurity’. That is exactly what the Israelites experienced for 40 years in the desert. It is exactly what we experience, at least here in London, when we celebrate Succot exposed to the cold, the wind, the rain, and the storm. And Succot is zman simchateinu, that miraculous ability to rejoice even in the midst of insecurity.
The 21st century is the age of insecurity, and we as Jews are the world’s experts in how to live in insecurity, because we’ve existed with it for millennia. And the supreme response to insecurity is Succot, when we leave behind the safety of our houses and sit in succot mamash, in huts, exposed to the elements. To be able to do so and still say this is the festival of our joy, zman simchateinu, is a supreme achievement of faith and the ultimate antidote to fear. Faith is not certainty, it is the courage to live with uncertainty. It’s the ability to rejoice in the midst of instability and change, travelling through the wilderness of time toward an unknown destination without fear, because we walk towards God, and He towards us.
 
Renée Citroen  Soekkot 5785 – 2024  20 oktober bij Barbara en Todd