Toen ik op de lagere school in de vijfde klas (jaren ’50!) zat begonnen we een club. Een geheime club natuurlijk, spannend! We begonnen met een stuk of tien kinderen, die allemaal samen iets wilden doen. Maar wat? Dat werd niet echt duidelijk, behalve samen snoepen en limonade drinken. Het verwaterde dan ook al snel en de club hield op zonder dat we er een traan om lieten. We gingen andere dingen doen.
Zoals zo vaak komt een groep mensen enthousiast bij elkaar met een gezamenlijk idee. Dit keer vertrok een grote groep leden van Beit Ha’Chidush uit onvrede over de gang van zaken. Dat verenigde ons, we moesten samen rouwen over wat we achterlieten. Dat was goed, we konden na een jaar weer vooruitkijken en de beschermende tent die we over ons hadden gespannen (Sukkat shalom) werd de Chavura Ruach Shalom, een bevrijdende, optimistische stroom van goede bedoelingen. Inclusief, hedendaagse én traditionele vieringen en een veilige omgeving voor iedereen. We wilden geen bestuur, geen structuur, geen financiën, gewoon een vriendengroep die samen Shabbat en de Feesten wilde vieren.
We hebben mooie bijeenkomsten gehad, met een Sukka in de tuin van Barbara en haar familie, en een mooi Chanukafeest in het Pintohuis. De Erev Shabbat-vieringen werden ook goed bezocht, altijd in een gezellige sfeer met veel en lekker eten en drinken. Waarom schrijf ik dit stukje dan? De laatste tijd is het anders. De belangstelling is teruggelopen, en worden de bijeenkomsten, zelfs die voor Pride Shabbat, maar weinig bezocht, ook op zoom. Hoe gezellig ook, een intieme shabbat met z’n vieren bij Marcella (plus vier op zoom) is natuurlijk prima, maar ik vond het jammer dat er geen gezamenlijke Seider was met Pesach.
De Hoge Feestdagen komen er aan, wat gaan we doen? Willen we verder, of is de spirit van onze club ook langzaam aan het uitdoven? Ruach Shalom is bijzonder, de enige plaats in joods progressief Nederland waar echt iedereen zich thuis kan voelen. Dat moet niet verloren gaan.
